Vragen
Het kan zijn dat u een vraag heeft die niet beantwoord is op deze pagina. Wilt u toch graag een antwoord, klik dan hier om naar het contactformulier te gaan en vul uw gegevens zo volledig mogelijk in. Wij zullen deze vraag zo spoedig mogelijk behandelen en eventueel contact met u opnemen.
Wat is biologisch nu precies ?
De biologische landbouw is een landbouwmethode die is gebaseerd op het behoud van milieu, natuur en landschap en het welzijn van dieren. Kortom, de biologische landbouw gaat uit van natuurlijke processen.
Het welzijn van de dieren Een varken moet wroeten. Een koe is graag buiten en kippen houden liever hun snavel Een ‘gangbaar’ dier krijgt te weinig ruimte, te veel medicijnen en krachtvoer omdat het snel moet opgroeien tegen lage kosten. In de biologische veeteelt krijgen dieren de ruimte en worden ze zonder kunstmatige ingrepen op een natuurlijke manier volwassen. Het hele jaar krijgen ze biologisch voer. En pas medicijnen als dat écht nodig is. En dat gebeurt niet vaak. Want de dieren hebben door hun gezonde manier van leven en eten een veel grotere weerstand waardoor ze minder vatbaar zijn voor ziekten. Dit alles komt ook de kwaliteit van het vlees ten goede. Het heeft een betere structuur, bevat minder water en is voedzamer.
Geen chemisch-synthetische bestrijdingsmiddelen en geen kunstmest ( chemisch-synthetische meststoffen) In de biologische landbouw wordt geen gebruik gemaakt van chemische bestrijdingsmiddelen. Deze worden in de ‘gewone’ landbouw wel gebruikt om schimmels, insecten en onkruid te bestrijden, zodat de gewassen optimaal kunnen groeien en een goede opbrengst opleveren. In plaats daarvan gebruikt men de natuurlijke vijanden van plaaginsecten of schimmels. Onkruid wordt met de hand of machinaal gewied in plaats van dat de gifspuit wordt gebruikt. De nadruk ligt sterk op het voorkómen van ziekten door gebruik te maken van ziekte-resistente rassen en door op een stuk land niet te lang achtereen hetzelfde gewas te verbouwen (vruchtwisseling).
Wat zijn de verschillen tussen biologische en gangbare plantaardige landbouw?
De drie grote verschillen tussen biologische en gangbare plantaardige langbouw zijn:
Bestrijdingsmiddelen (gewasbeschermingsmiddelen) Het meest bekende aspect van de biologische landbouw is dat er geen gebruik gemaakt wordt van chemische bestrijdingsmiddelen. Gewasbeschermingsmiddelen worden in de reguliere landbouw gebruikt om schimmels, insecten en onkruid te bestrijden zodat de gewassen optimaal kunnen groeien en een goede opbrengst opleveren. Belangrijkste principe van de biologische landbouw is het voorkomen van ziekten door evenwichtige bemesting, de rassenkeuze en de vruchtwisseling. Daarnaast wordt in de biologische landbouw gebruik gemaakt van biologische middelen. Deze middelen maken gebruik van het principe dat elk (schadelijk) insect natuurlijke vijanden heeft. De eitjes van deze vijanden worden in de kas gehangen of de dieren worden losgelaten. Voorbeelden zijn lokstoffen die de insecten verwarren of het lieveheersbeestje tegen luis. Ook wordt gebruik gemaakt van mechanische middelen. Bijvoorbeeld het wieden van onkruid met de hand of machinaal in plaats van de gifspuit te gebruiken.
Vruchtwisseling en rassenkeuze Met vruchtwisseling wordt bedoeld dat op hetzelfde stuk landbouwgrond per periode afwisselend andere gewassen verbouwd worden. Vruchtwisseling is nodig om ziektes en aantastingen van het gewas via de bodem te voorkomen. Ook de gangbare landbouw past vaak vruchtwisseling toe, gemiddeld 2 andere gewassen voordat het oorspronkelijke weer geteeld wordt. Bij biologische landbouw bestaat er meer afwisseling van de gewassen op het land, 3 tot 5 andere gewassen voordat het oorspronkelijke weer geteeld wordt.
Rassenkeuze is voor een biologische boer zeer belangrijk. Hij moet bij de keuze van de rassen erop letten dat zij bestand zijn tegen bepaalde ziektes. Want hij mag geen gebruik maken van chemische bestrijdingsmiddelen. Ook is het van belang om bij de keuze van een ras rekening te houden met de eisen van de eventuele verwerker. Bij tarwe wordt bijvoorbeeld ook gekeken naar de bakeigenschappen en niet alle koolsoorten zijn geschikt om zuurkool van te maken.
Genetische modificatie Het is in de biologische landbouw niet toegestaan om genetisch veranderde gewassen te ontwikkelen en te telen. Voor een boer betekent dit dat hij bij de inkoop van zijn zaadgoed of pootgoed erop moet letten dat het vrij is van genetisch gemodificeerd materiaal. Er is onder andere een database opgestart die biologische boeren kunnen raadplegen als zij gmo-vrij zaad willen kopen. Voor meer informatie over dit onderwerp verwijzen wij u naar www.voedingscentrum.nl/biotechnologie. Voor meer informatie over de regelgeving van biologische landbouw kunt u terecht op: www.skal.com (kijk bij informatie naar de EU-regelgeving).
Dierlijke producten zijn afkomstig van dieren zoals koeien, kippen, geiten, schapen en varkens. Biologische veehouderijen verbouwen vaak hun eigen voedergewassen en soms ook één of meerdere akkerbouwgewassen. De mest van de dieren wordt gebruikt voor de eigen grond. Bij een gangbare veehouder komt dit bijna niet meer voor, omdat zij vaak alleen nog maar stallen hebben en geen eigen grond.
Wat zijn de verschillen tussen biologisch en gangbaar gehouden dieren?
De grote verschillen tussen biologisch en gangbaar gehouden dieren zijn:
Biologische landbouw is grondgebonden. Gewassen worden uitsluitend geteeld op grond en bijvoorbeeld niet op water of op een kunstmatige ondergrond zoals steenwol. Het aantal dieren dat wordt gehouden is in evenwicht met het grondoppervlak. De mest moet kunnen worden gebruikt op het eigen land of op land van andere boeren in de streek, zodat er geen mestoverschot ontstaat.
De natuurlijke kringlopen van groei en bloei, afsterven en afbraak worden actief benut. Mest wordt verspreid over het land en zorgt voor voedingsstoffen voor de gewassen. Zo kan er op het land voedsel voor de mensen groeien en voer voor het vee. Niet-gemengde bedrijven als akkerbedrijven of varkenshouderijen werken met elkaar samen om een kringloop te vormen: de mest van het veebedrijf gaat naar het akkerbouwbedrijf en het akkerbouwbedrijf levert weer stro en voer aan het veebedrijf.
Gentechnologie, het veranderen van de genen van gewassen en/of dieren, is niet toegestaan in de biologische landbouw. Dit wordt in strijd geacht met het natuurlijke karakter van de biologische producten.
• Biologische producten moeten zo natuurlijk mogelijk zijn. Daarom gelden voor de verwerking van biologische ingrediënten tot biologische producten extra regels: Biologische producten met meerdere ingrediënten bevatten hooguit vijf procent niet-biologische ingrediënten.
• Biologische producten bevatten zo min mogelijk additieven (hulpstoffen). Er is slechts een beperkt aantal additieven van natuurlijke oorsprong toegestaan. Het criterium is dat additieven technologisch onmisbaar moeten zijn. In biologische producten zitten om die reden geen kleur-, geur- en smaakstoffen.
• Bij de biologische productie mogen geen genetisch gemodificeerde organismen worden gebruikt of producten die daarvan zijn afgeleid, zoals enzymen.
• Bij de productie worden zo min mogelijk proceshulpstoffen gebruikt. Proceshulpstoffen zitten niet in het product zelf, maar worden gebruikt bij de productie, bijvoorbeeld om de structuur van een product te veranderen. Bij de biologische productie zijn alleen hulpstoffen toegestaan die technologisch onmisbaar zijn. Zo mag biologische suiker niet gebleekt worden en wordt biologische margarine niet met een hulpstof gehard. Aan biologische wijn mag wel (biologische) suiker toegevoegd worden om het alcoholpercentage kunstmatig te verhogen. Bij wijn is sulfiet toegestaan. Bij de productie van biologisch brood mag gebruik gemaakt worden van (niet-genetisch gemodificeerde) enzymen.
• Biologische producten worden niet doorstraald. Doorstraling is een conserveringsmethode die de biologische landbouw afwijst omdat deze methode niet natuurlijk geacht wordt.
Bevatten biologische producten meer voedingsstoffen?
Biologische groenten bevatten meer vitamine C, en vaak ook meer mineralen en antioxidanten dan gangbare. Ook bevatten ze minder resten van bestrijdingsmiddelen en minder nitraat. Daarom zijn biologische groenten en fruit gezonder en voedzamer dan gangbare. Vooral kleine kinderen kunnen beter biologische voeding eten. Er zijn residuen die een schadelijk effect kunnen hebben op hun ontwikkeling. Wie biologisch kiest, zit zeker goed.
Zijn reformproducten ook biologisch?
Kenmerken van reformproducten zijn dat ze ongeraffineerd zijn (volkoren, rauwkost, zilvervliesrijst, müesli, rietsuiker), geen of alleen natuurlijke additieven bevatten en geen dierlijke bestanddelen. Reformproducten zijn alleen biologisch als het woord ‘biologisch’ op de verpakking staat. De begrippen ‘natuurlijk’ en ‘milieuvriendelijk’ mogen te pas en te onpas gebruikt worden op producten, zolang het geen misleiding is. Reformproducten zijn dus niet per definitie biologisch.
Hoe zijn Biologische producten te herkennen?
Bij de productie van biologisch voedsel wordt zoveel mogelijk rekening gehouden met milieu, dier en mens. In allerlei voorschriften is vastgelegd wat daaronder wordt verstaan. Het instituut Skal controleert of ze worden nageleefd. Biologische producten zijn herkenbaar aan het EKO-keurmerk en/of de term ‘biologisch’ of vertalingen daarvan (organic, ökologisch, biologique). In het algemeen zijn biologische producten net zo gezond en veilig als (niet-biologische producten). Biologische producten herkent u dus aan het EKO-keurmerk. Dit keurmerk mag alleen gedragen worden als een producent voldoet aan alle voorwaarden die instituut Skal heeft opgezet. Elk bedrijf is verplicht om zijn Skal- registratienummer naast het EKO-keurmerk op de biologische producten te plaatsen.
Hoe gaat het met de biologische markt?
Er komen steeds meer biologisch verwerkte producten op de markt. Zoals biologische appelmoes, pindakaas en pastasaus. Dit betekent dat niet alleen de grondstoffen biologisch zijn, maar dat ook de bereiding biologisch moet zijn: dus geen chemische kleurstoffen en conserveringsmiddelen en geen genetisch gemodificeerde ingrediënten. De fabrikant moet onafhankelijk laten controleren of gewerkt wordt volgens de biologische productienormen. In Nederland wordt de controle op dit moment uitgevoerd door de onafhankelijke controle-organisatie Skal. Elk bedrijf is verplicht om zijn Skal- registratienummer naast het EKO-logo op de biologische producten te plaatsen. Zo zijn biologische producten makkelijk herkenbaar voor consument. Sinds de supermarkten begonnen zijn biologisch breed in hun assortiment op te nemen, is het makkelijker verkrijgbaar en kiezen consumenten eerder voor biologisch. Stonden voorheen de biologische producten in een hoekje van de supermarkt, nu worden de biologische producten tussen de gangbare producten in het schap geplaatst. Biologische zuivel staat bijvoorbeeld tussen de gangbare zuivel. Het succes van biologisch is ook mede te wijten aan de promotie van biologische producten door middel van demonstraties op de winkelvloer en informatie in consumentenbladen van de supermarkten. Supermarkten zouden graag grotere acties met biologisch willen houden, maar hiervoor is het aanbod nog niet groot genoeg. De overheid heeft in 2000 besloten om de biologische markt op weg te helpen door een "Task force" (werkgroep) voor de biologische landbouw in het leven te roepen. Voor meer informatie over de Task force Marktontwikkeling Biologische Landbouw verwijzen wij u naar www.biologischconvenant.nl.
Zijn biologische producten duurder dan gangbare producten?
Hoewel het prijsverschil tussen biologische en gangbare producten steeds kleiner wordt, zijn biologische producten nog iets duurder. Was het verschil in het verleden aanzienlijk, tegenwoordig zijn de verschillen minimaal. Het verschil in de prijzen komt doordat de kosten in alle fases die het biologische product doorloopt hoger zijn dan bij het gangbare product.
Hogere kosten bij de boer Door het arbeidsintensieve karakter en de relatief lage opbrengst per hectare van de biologische landbouw, heeft een biologische boer hogere kosten dan een "reguliere boer". Door geen gebruik te maken van kunstmest en chemische bestrijdingsmiddelen daalt bij de meeste gewassen de opbrengst. Er wordt bijvoorbeeld in de biologische landbouw gebruik gemaakt van mechanische onkruidbestrijding (zoals met de hand of machinaal onkruid wieden) hierdoor stijgen de arbeidskosten. Daarnaast is ook het biologische zaai- en pootgoed duurder.
|
|